‘Supermarkt moet plantaardige aanbod vergroten’ | Levensmiddelenkrant

‘Supermarkt moet plantaardige aanbod vergroten’

DEN HAAG - De overheid kan met supermarkten een stappenplan opstellen voor het vergroten van hun aanbod innovatieve plantaardige eiwitproducten en voor de marketing van duurzaam en gezond voedsel tussen 2018 en 2030. Daarbij kan worden ingespeeld op veranderingen in de retail, zoals online verkoop, de toenemende vraag naar voorbewerkte producten en de thuisbezorging van maaltijden. Bij tegenvallende resultaten moet de overheid verplichte maatregelen treffen.

Deze aanbeveling doet de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli), een onafhankelijke adviesraad voor regering en parlement, in het onderzoeksrapport ‘Duurzaam en gezond: Samen naar een houdbaar voedselsysteem’. Jan Jaap de Graeff en Krijn Poppe, respectievelijk voorzitter en raadslid van deze raad, overhandigden onlangs in Den Haag het eerste exemplaar van dit rapport aan minister Carola Schouten van Landbouw en staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid. Aan de hand van eerder verschenen onderzoeksrapporten en een analyse van binnen- en buitenlandse literatuur heeft de adviesraad de actuele uitdagingen voor de Nederlandse agrarische sector en de totale voedselketen in beeld gebracht. De Rli focuste vooral op uitdagingen die voortvloeien uit het in 2015 gesloten klimaatakkoord van Parijs.

Verandering menu
In het klimaatakkoord is vastgelegd dat de totale Nederlandse uitstoot van broeikasgassen in 2050 95 procent lager moet zijn dan in 1990. Deze doelstelling moet volgens de Rli niet alleen op het bord liggen van de veehouderij. “Met alle partijen in de voedselketen, waaronder producenten en retailers, moet snel nog meer werk worden gemaakt van een duurzamer en gezonder eetpatroon”, zo verduidelijkt Jan Jaap de Graeff. “De klimaatopgave leidt op lange termijn onvermijdelijk tot minder productieruimte voor de Nederlandse veehouderij en tot een verandering van het menu. Met nieuw voedselbeleid moet het kabinet de negatieve gevolgen van deze omslag beperken en de kansen die er ook zijn benutten.”

In Nederland is volgens De Graeff meer voedsel beschikbaar dan ooit tevoren. “Het is efficiënt geproduceerd, veilig en wordt wereldwijd geëxporteerd. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de negatieve effecten van de productie en de consumptie van ons voedsel op het milieu en de biodiversiteit, op onze eigen gezondheid en op het dierenwelzijn. Recent is daar de zorg bijgekomen over de effecten van onze voedselproductie op de klimaatverandering. Zelfs als alle voorhanden zijnde maatregelen worden genomen om de uitstoot van broeikasgassen door de veehouderij te beperken, dan is deze naar verwachting in 2050 verantwoordelijk voor de totale toegestane broeikasgasuitstoot in Nederland. Daarom is een snelle transitie naar een duurzamer en gezonder voedselsysteem noodzakelijk.”

Grote veranderingen
In de hele keten van de productie, verwerking, verkoop en consumptie van voedsel zijn naar de overtuiging van de Rli grote veranderingen noodzakelijk. “De afspraken die in het klimaatakkoord van Parijs zijn gemaakt over de beperking van de broeikasgasuitstoot, vergroten het belang van een transitie naar een duurzaam en gezond voedselsysteem”, benadrukt De Graeff. “De productie en de consumptie van dierlijke eiwitten, zoals vlees, zuivel en eieren, dragen in belangrijke mate bij aan de broeikasgasuitstoot van dit systeem. In een duurzaam eetpatroon passen daarom naar verhouding minder dierlijke en meer plantaardige eiwitten. Dit vraagt een behoorlijke omschakeling, want de consumptie van eerstgenoemde eiwitten is de afgelopen decennia juist sterk toegenomen. De raad adviseert om er in het voedselbeleid naar te streven om het aandeel dierlijke eiwitten in de totale eiwitconsumptie in 2030 terug te brengen tot 40 procent.”

Gezonde ambassadeurs
Volgens De Graeff moeten diverse schakels in de voedselketen, zoals overheid, retail en het out-of-homekanaal, consumenten nog meer verleiden tot gezonde en duurzame keuzes. “De overheid kan hiervoor verschillende instrumenten gebruiken. Met de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum kan zij bijvoorbeeld aan consumenten laten zien hoe een duurzaam en gezond menu er uitziet. Ook kunnen televisiekoks als gezonde ambassadeurs worden ingezet om ervoor te zorgen dat consumenten eten met meer groenten en fruit en minder dierlijke ingrediënten gaan associëren met begrippen als aantrekkelijk, lekker en gemakkelijk. Ook supermarkten, restaurants, maaltijdservices en bedrijfscateraars kunnen nog grote stappen zetten in het bevorderen van een duurzame consumptie.”

Bron: Levensmiddelenkrant