Appeldrank Leppa bubbelt naar een nieuwe toekomst

AMSTERDAM – Leppa zag anderhalf jaar geleden het levenslicht. Een fris, bruisend appeldrankje waarbij naast smaak ook gelet is op zowel de gezondheid van de drinker als het milieu. Inmiddels wordt het drankje op meerdere plaatsen in Nederland verkocht. “Maar deze zomer wordt van ons,” verklaart co-eigenaar Liselotte van der Lugt.

Tijdens de productie van Leppa houden Van der Lugt en haar vriend en mede-eigenaar Rutger Homan op alle fronten rekening met duurzaamheid. “Leppa is gemaakt van appelschillen en klokhuizen, onderdeel van de appel die normaal als afval wordt beschouwd. De appelresten komen van een boerderij in Flevoland.” Sinds vorige week hebben ze zelfs een productlocatie naast de appelboer. “Zo houden we de transportketen zo kort mogelijk.”

Maar het product is niet alleen goed voor het milieu, volgens Van der Lugt: “We zien het eigenlijk als alternatief voor light frisdrank, want er zitten geen extra suikers in maar is toch laag in calorieën.” Ook bevat het drankje geen e-nummers of andere conserveringsmiddelen. Door het pasteuriseren is Leppa wel 1,5 jaar houdbaar. “Dat zou genoeg moeten zijn,” grapt de ondernemer. “We hopen toch dat wanneer klanten het product kopen, zij het binnen een jaar verkopen.”

Rebranding
“Het idee is dat we alles gebruiken wat de natuur ons zelf geeft,” vertelt Van der Lugt. Dat blijkt ook uit de quote die groot op de website gepositioneerd staat: With the wind in our backs, we’re challenging the status quo. Van der Lugt legt uit dat hierin veel van hun passie naar voren komt: “We zijn zelf fanatieke kitesurfers en vinden wind of de lucht, een mooie kracht. Dat komt ook terug in ons drankje: Leppa is geen Leppa zonder zijn luchtige bubbels.”

De afgelopen maanden is het jonge stel bezig geweest met een rebranding van hun frisdrank. “We willen ons gaan neerzetten als een lifestyle-outdoor merk. Leppa is bijvoorbeeld voor sportieve Nederlanders en voor mensen die graag buiten zijn. Door ons te richten op zo’n levensstijl willen we ons nog verder onderscheiden.” Met die denkwijze gaat Van der Lugt ook positief de toekomst tegemoet. “Ik denk dat we in een tijd leven waar veel gaat veranderen in de voedingsindustrie. Wij staan aan het begin daarvan.”