HUIZEN – Supermarktketen Lidl start een pilot die ervoor moet zorgen dat er nog minder voedsel wordt weggegooid. Het is de eerste supermarkt die een circulaire benadering voor veevoer serieus oppakt. De uitdaging ligt in het goed scheiden van producten en het voldoen aan de voedselveiligheidswetgeving.
Diverse zogenoemde mono-reststromen, bijvoorbeeld brood, worden al langer gebruikt als veevoer. Voor een gemixte reststroom als groente, fruit en producten uit bijvoorbeeld maaltijdsalades en graanproducten, was dat moeilijk. Deze producten worden vergist tot biogas. Bij Lidl worden in tien winkels de komende weken onverkochte voedselproducten apart ingezameld en verwerkt door Feedvalid.
Voedselverspilling verminderen
“Lidl heeft zich in 2018 als supermarkt gecommitteerd om onze voedselverspilling in Nederland te verminderen met 50%”, zegt Esmée van Veen, manager sustainability van Lidl. “Dat is ook het doel van Lidl internationaal. De afgelopen jaren hebben we al veel mooie initiatieven geïntroduceerd, bijvoorbeeld met Verspil Me Niet, waarbij we producten op de laatste dag van houdbaarheid heel sterk afprijzen. Daarnaast hebben we nog de groente- en fruittas en doneren we minstens 600.000 kilo groente en fruit per jaar aan de Voedselbank.”
Het initiatief moet nog eens tien miljoen kilo aan voedselverspilling voorkomen. “Je wilt natuurlijk het liefst verspilling voorkomen”, vertelt Toine Timmermans, directeur van de Stichting Samen Tegen Voedselverspilling, waarmee Lidl nauw samenwerkt in deze en andere voedselverspillingsprojecten. “Als je dat niet kunt voorkomen, probeer je het nog geschikt te maken voor menselijke consumptie en als dat ook niet lukt, is veevoer de logische oplossing. We hebben in Europa de afspraak gemaakt dat als je het voedsel in de voedselketen houdt, menselijk of dierlijk, dat niet als verspilling wordt gezien”, legt hij uit.
lees verder onder de foto ↓
Reststroom
De nieuwe aanpak van Lidl om een gemixte reststroom om te zetten naar veevoer heeft best wat voeten in de aarde. Dat begint in de winkel. “We zijn gaan testen in tien winkels. Daar hebben we een nieuw scheidingsmeubel in het magazijn gezet met daarin de extra afvalstroom”, zegt Van Veen. “Belangrijk is dat daar geen producten in komen die absoluut niet in veevoer mogen zitten, zoals vlees, vis en rauwe eieren. Maar ook geen andere producten die niet geschikt zijn voor consumptie. We hebben daarvoor samengewerkt met een gedragsbureau om te zien hoe we op de meest intuïtieve manier het juiste product in de juiste zak konden doen. Het begint tenslotte bij de medewerkers in de winkel.”
Naast verse groenten en fruit kan er nog veel meer aan etenswaren in deze reststroom. Dat maakt het best wel ingewikkeld voor de medewerkers. Het kan een zak appels zijn, maar wat als er schimmel op zit. Of een maaltijdsalade, pizza’s of een pak pasta dat open is gegaan in de winkel en niet meer verkocht kan worden. “De reststroom gaat eerst terug naar het distributiecentrum. Van daaruit wordt het naar onze verwerkingspartner Feedvalid in Zeeland gebracht. Daar hebben ze ruime ervaring met het maken van circulair veevoer. Maar het is ook voor hen de eerste keer dat ze werken met een gemengde reststroom uit de supermarkt. Ze doen eerst nog een nascheiding om er zeker van te zijn dat er geen producten of verpakkingen in zitten die er niet in mogen zitten. Als dat wel zo is, wordt die zak in zijn geheel afgekeurd. Als het niet zo is, kunnen ze er veevoer van maken. De nadruk ligt altijd op de voedselveiligheid”, legt Van Veen uit.
Artikel gaat verder onder de foto ↓
Systeemverandering
Wat Lidl doet, heeft een behoorlijke impact op het hele proces. De supermarkt noemt het dan ook een “baanbrekende systeemverandering”. Bij het project zijn naast de Stichting Samen Tegen Voedselverspilling ook een aantal overheidsinstellingen betrokken, zoals de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Van Veen is blij met de samenwerking. Lidl is de eerste supermarkt die dit aandurft en het is fijn dat zij partners heeft die dit ook met hen aandurven.
Partners
“Vanuit het ministerie hebben we het vertrouwen gekregen dat dit echt iets is dat zij willen ondersteunen en helpen met het aangeven van de kaders. Waar moeten we aan denken en waar gaan we naartoe”, aldus de manager sustainability. De NVWA heeft zich opgeworpen als adviseur om te kijken hoe het proces kan worden ingericht op een voedselveilige manier. Er zit een groot risico in en daarom heeft tot nu toe nog niemand het aangedurfd, want het schuurt tegen de voedselveiligheidswetgeving.
Naast de overheid heeft Lidl vanuit de Stichting Tegen Voedselverspilling heel veel ondersteuning gekregen in kennis en netwerk. “En natuurlijk onze partner Feedvalid die heeft gezegd dat het, ondanks weinig ervaring met gemengde reststromen, dit samen met de andere partners kan realiseren. Als laatste Wageningen University & Research, die onderzoek heeft gedaan. We doen het met z’n allen, want je kan het niet in je eentje. We weten nu wat we kunnen en wat we moeten doen. Nu is er ook een manier om het te gaan doen”, besluit Van Veen.
Bron: Levensmiddelenkrant