Boni verduurzaamt in nieuwe winkels

NIJKERK – Boni bereikt de tweede plek in het GfK mvo-onderzoek. Dit komt onder andere door stappen die de supermarktketen maakt naar minder energieverbruik en in steeds meer filialen warmte terugwinsystemen (WTW) gebruikt.

Voor dit resultaat gaven klanten hun mening over aspecten als het op je gemak voelen in de winkel, beperking van voedselverspilling, betrokkenheid bij de omgeving, milieumaatregelen in de winkel en gezonde voeding.

Tweede plek
Boni haalt de tweede plaats met een 7,39. Hiermee zet de regionale supermarktketen stappen vooruit. Vorig jaar eindigde Boni namelijk op de zesde plek met een 7,14. Supermarktketen Plus heeft voor de zevende keer op rij het onderzoek gewonnen. De formule kreeg van zijn klanten het rapportcijfer 7,41. Financieel directeur Frank Klören zegt over deze ontwikkeling: “Wij willen klanten de voordeligste boodschappen laten doen met oog voor mens en omgeving. Wij hebben met onze medewerkers veel aandacht geschonken aan zaken als winkelgemak, kwaliteitsverbetering, klantvriendelijkheid en betrokkenheid bij de omgeving, beperking van voedselverspilling en beperking van CO2-uitstoot. Ik ben dan ook blij dat klanten dit zien.”

Verduurzamen
Een van de facetten die Boni aan het verduurzamen is, is het energieverbruik in de winkels. De filialen die ze verbouwen gaan steeds 20 à 30 procent minder energie verbruiken door gebruik van ledverlichting en betere koelinstallaties. Tevens maakt Boni geen verbruik meer van gas na een verbouwing, omdat ze met een warmte terugwinsysteem (WTW) werken. De warmte van de koelinstallatie wordt dan hergebruikt voor de verwarming van de ruimtes.

Nieuwe winkelformule
Boni heeft 12 van de 44 winkels al omgebouwd tot de nieuwe winkelformule. Het is de bedoeling dat in 2024 alle filialen zijn omgebouwd. Onderdeel van de nieuwe winkelformule is het verlagen van de prijzen. Klören meldt hierover: ”Het blijkt dat lage prijzen heel goed samen kunnen gaan met goede kwaliteit, zorg voor de omgeving, gemakkelijk winkelen, beperking van voedselverspilling en het nemen van milieumaatregelen.”

Bron: Levensmiddelenkrant