Unilever wil CO2-productie van was- en schoonmaakmiddelen halveren

Unilever: ‘Je kan geen gezond bedrijf runnen op een zieke planeet’

ROTTERDAM - Unilever maakt een miljard euro vrij om voor 2030 al haar was- en schoonmaakmiddelen volledig vrij te maken van fossiele brandstoffen. In het komende decennium zullen daarom merken als Robijn, Omo, Cif en Sun een groene verandering ondergaan. Levensmiddelenkrant sprak met vice president Home Care Europe, Willem Brandt, over hoe Unilever dit waar gaat maken.

Waarom was dit hét moment om te starten met het Clean Future-programma?
“Verduurzaming staat al lang hoog op onze agenda: de afgelopen tien jaar hebben we de uitstoot van broeikasgassen met 20 procent verlaagd in onze divisie Home Care. Maar we willen concrete doelen stellen. Achter de schermen werken we met veel knappe koppen in het R&D-programma, die al jaren gepassioneerd zijn over dit onderwerp. Met technologieën die zij voorstelden, verwachten we dat het mogelijk is om onze producten te blijven maken, maar dan zonder het gebruik van fossiele brandstoffen.”

Waar valt de grootste winst te behalen?
“Wat veel mensen zich misschien niet realiseren, is dat was- en schoonmaakmiddelen al decennia met olie worden gemaakt. Met de koolstof die daaruit komt, maken we bijvoorbeeld wasverzachter. Het omslagpunt kwam toen we beseften dat die ingrediënten verantwoordelijk zijn voor de helft van de CO2-uitstoot van de middelen in deze divisie. Daar willen we dus vanaf.”

Wat zijn de alternatieven die jullie gaan gebruiken?
“Het doel is om gebruik te gaan maken van de ‘Carbon Rainbow’, alternatieve koolstofbronnen die vanuit een gerecyclede of natuurlijke bron geput worden. In India werken we bijvoorbeeld samen met een bedrijf dat uitgestoten CO2 uit de lucht kan halen. Dat noemen wij paarse koolstof. Groene koolstof halen we uit planten, de blauwe variant uit algen. Tot slot proberen we ook uit afval koolstof te halen, dit is grijze koolstof.
Allemaal bronnen die de fossiele olie kunnen vervangen.”

Komen er door deze transitie veel nieuwe productlijnen op de markt, of worden er bij de huidige producten componenten vervangen?
“Eigenlijk beide. De komende jaren komt er een hele batterij aan nieuwe producten aan. Een eerste daarvan is al op de markt gebracht; schoonmaakmiddel Seventh Generation is al voor 95 procent gebaseerd op plantengrondstoffen. En een deel van de wasverzachters van Robijn is verpakt in 100 procent gerecycled plastic. Het gaat overigens niet alleen om ons productieproces, maar ook hoe de consumenten het kunnen gebruiken. Zo zijn we bijvoorbeeld bezig met de ontwikkeling van een soort droogshampoo voor je kleren. Daarvoor hoeven consumenten minder water te gebruiken. Ook spannend vind ik de navullingen voor de schoonmaaksprays. Want daarvoor hebben we 70 procent minder plastic nodig en verminderen we het water dat vervoerd moet worden met 97 procent. We zetten stappen, maar op innovatief gebied zijn we dus nog lang niet klaar.”

Kunnen wij in het Nederlandse assortiment drastische veranderingen verwachten?
“Het voornaamste doel is om tussen nu en 2030 echt de inhoud van de flessen te veranderen. Dit moet natuurlijk wel in overleg met toeleveranciers en partners. Dat vraagt dus eigenlijk om een hele ecotransitie van de categorie. We zetten de deur dan ook wagenwijd open voor innovatie; partijen die bij ons willen aankloppen om ook een steentje bij te dragen, zijn welkom. Maar het duurt even voordat je een verandering als deze op schaal kan doen. Als marktleider in Nederland en de op een-na-grootste partij in de wereld. Dus over die tien jaar, wat overigens een ongelofelijk ambitieus tijdspad is, zullen we gaandeweg steeds grotere veranderingen zien.”

Is het gestelde doel wel haalbaar?
“Wij zijn er heilig van overtuigd dat het mogelijk is. Maar het is wel een megaopgave voor onze R&D-afdeling, en aan ons om dat vervolgens op een juiste manier op te schalen.”

Met veel invloed komt ook veel verantwoordelijkheid. Hebben jullie daarmee ook een voorbeeldfunctie?
“We zouden het fantastisch vinden als ook andere bedrijven hetzelfde pad inslaan. Want uiteindelijk doen we het ook omdat we een gezonde wereld willen met z’n allen. Je kan geen gezond bedrijf runnen op een zieke planeet.”

Kunnen ondernemers ook iets doen om deze stappen verder aan te moedigen?
“Vanuit supermarkten kan er zeker een enorme bijdrage worden geleverd, door de juiste keuzes te maken in wat zij hun winkelend publiek voorschotelen. Het zou dus geweldig zijn als zij met ons meegaan op deze reis. Dat kan door bewust te kijken naar het assortiment dat zij in de schappen leggen, maar ook door educatie. Retailers hebben ongelofelijk veel middelen tot hun beschikking om hun consumenten op de mogelijkheden van vandaag te wijzen. En ze naar een groene toekomst te krijgen.”

Dit artikel verscheen eerder in de papieren editie van Levensmiddelenkrant. Abonneren? Klik hier.