Heeft (gebrek aan) communicatie omtrent roken het beoogde effect?

Antirookcampagnes en verbod op tabaksreclame nader bezien

NIEUWVEEN – ‘Roken beschadigt uw longen.’ ‘Roken kan uw ongeboren kind doden.’ ‘Stop nu – blijf leven voor je naaste familie en vrienden.’ In 2002 moesten deze teksten verplicht op pakjes shag en sigaretten staan. In 2016 werden de teksten vergezeld van afschrikwekkende foto’s. En vanaf 1 oktober 2020 moest nieuw geproduceerde rookwaar daarnaast in hetzelfde donkergroen-bruine jasje gestoken zijn. Het is slechts één voorbeeld van vele waarin roken ontmoedigd wordt door steeds verdergaand ingrijpen op tabaksreclame. Heeft het verbod invloed gehad op het aantal rokers? En wat is het resultaat van de massamediacampagnes van de overheid?

De Tabaks- en Rookwarenwet werd in 1990 van kracht en geeft de overheid sindsdien de mogelijkheid om het tabaksgebruik in Nederland te beperken. Al in de jaren 70 van de vorige eeuw werden het verbod op tabaksreclame en het gebruik van massamediacampagnes over de gevaren van roken genoemd als mogelijke manieren om het gebruik van tabak tegen te gaan, maar dit werd niet opgenomen in de Tabakswet. Dat gebeurde wel bij een (grote) wijziging van de wet in 2002. En waar eerder het aantal rokers min of meer stagneerde, nam het af na de wetswijziging, om sindsdien alleen nog maar verder te dalen: in 2003 rookte 33 procent van de mannen en 27 procent van de vrouwen in Nederland, in 2020 was dat 22,7 procent van de (volwassen) mannen en 17,7 procent van de (volwassen) vrouwen. Een verbod op tabaksreclame heeft dus het beoogde resultaat, in elk geval in combinatie met andere antirookmaatregelen, zoals het rookverbod op de werkplek en in de horeca.

Rookvrije generatie
Toch is het niet genoeg wat de overheid betreft. Samen met meer dan zeventig maatschappelijke organisaties sloot ze het Nationaal Preventieakkoord. Hierin staan afspraken om Nederland gezonder te maken en veel daarvan gaan over roken. ‘In 2040 rookt minder dan 5 procent van de inwoners van Nederland van 18 jaar en ouder en 0 procent van de jongeren en zwangere vrouwen’, is dan ook het streven. Om dit te bereiken is er een lijst aan actiepunten voor de overheid in het akkoord opgenomen en een deel daarvan betreft de communicatie rondom het roken. Oftewel: campagnes.
Antirookcampagnes zijn al sinds 1983 een manier van de overheid om roken terug te dringen en de meest recente dateert uit 2020. ‘PUUR rookvrij’ werd uitgerold na het ingaan van het Preventieakkoord en moest focussen op ‘de positieve kanten van stoppen met roken’ en zou rokers laten ‘nadenken over hun leven als niet-roker’. In hetzelfde nieuwsbericht van de rijksoverheid, dat werd gepubliceerd bij aanvang van de campagne en gedateerd is op 29 oktober 2020, staat te lezen dat het Trimbos-instituut een overzicht heeft gemaakt van ‘verschillende wetenschappelijke onderzoeken naar de effecten van dit soort massamediacampagnes in binnen- en buitenland op het stoppen met roken’.

Effectieve maatregel
Er worden twee soorten campagnes onderscheiden die mensen moeten laten stoppen met roken: bewustwordingscampagnes en stopcampagnes. De eerste zijn erop gericht mensen meer bewust te maken van de gevaren van roken. Dit zou bijvoorbeeld kunnen voorkomen dat mensen beginnen met roken, of het maatschappelijk draagvlak voor roken verkleinen. In een ‘factsheet’ van het Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging van juni 2020 waarin de effecten van massamediacampagnes op het stoppen met roken worden geëvalueerd, staat dat dit type campagne niet vaak is uitgevoerd in Nederland. Daarnaast is er de stopcampagne, gericht op mensen die al gemotiveerd zijn te stoppen. Een voorbeeld hiervan is de sinds 2014 jaarlijks terugkerende campagne ‘Stoptober’. Hebben deze campagnes zin? Volgens het factsheet kunnen de campagnes directe en indirecte gevolgen hebben: stoppogingen zijn een direct gevolg, een toegenomen bewustwording van de gezondheidsrisico’s een indirect gevolg. Ze worden dan ook ‘een effectieve maatregel’ genoemd; ‘massamediacampagnes kunnen leiden tot een afname van de rookprevalentie, een toename van stoppen met roken, een verhoogde intentie om te stoppen met roken, meer zoeken naar hulp bij stoppen met roken en een afname van de consumptie van tabak’. Deze conclusie is het gevolg van de bestudering van meerdere antirookcampagnes in binnen- en buitenland en een systematisch literatuuronderzoek.

Stoptober
‘De rijksoverheid ondersteunt Stoptober en voert deze campagne mede uit’, is een van de actiepunten die in het Preventieakkoord staan. Laten we daarom deze campagne, en dan vooral het gemeten effect ervan, eens nader bekijken. Stoptober is een van oorsprong Britse campagne, die jaarlijks wordt georganiseerd door verschillende antirookorganisaties. Het doel is 28 dagen stoppen met roken – precies lang genoeg om de positieve effecten daarvan te ervaren, aldus de organisatoren. De Stoptober Community, de andere rokers die een stoppoging wagen en die met elkaar verbonden zijn via een app, probeert gezamenlijk te stoppen met roken en er doen altijd een paar BN’ers mee. Dankzij de ‘positieve aanpak en de ondersteuning’ lukt het 70 procent van de deelnemers om niet te roken tijdens Stoptober. En bijna de helft van de deelnemers is drie maanden later nog steeds gestopt, staat op stoptober.nl. In het factsheet staat vervolgens dat wordt geschat dat een jaar na de campagne ongeveer 25 procent van de deelnemers gestopt is met roken; een veel hoger percentage dan het aantal mensen dat zonder ondersteuning een jaar na stoppen nog steeds gestopt is (namelijk minder dan vijf procent).
De meeste antirookcampagnes zijn na afloop geëvalueerd en (kosten)effectief gebleken, is de conclusie van het factsheet. Het aantal rokers in Nederland neemt af, zegt ook het Trimbos-instituut. Dat neemt niet weg dat nog steeds een op de vijf volwassen Nederlanders rookt. 2040 lijkt nog heel ver weg.

Bron: Levensmiddelenkrant / Out.of.Home Shops