AH Bouwens kiest voor externe schoonmaakploeg in en om de supermarkt

‘Een schone winkel is heel belangrijk voor de klant’

[SPECIAL: SCHOONMAAK] SPAARNDAM - Schappen soppen, afvalbakken legen, kruimels vegen, wc laten blinken en een doekje over de kidscorner. Een schone winkel is essentieel, maar tegelijkertijd vaak ook het eerste dat op de lange baan wordt geschoven. Want de kassa krijgt altijd voorrang. Reden voor Han Bouwens, eigenaar van Albert Heijn Bouwens in Spaarndam, om de schoonmaak uit te besteden. “Goed onderhoud voorkomt problemen en houdt kosten en reparaties binnen de perken.”

“Zo’n tien jaar geleden ontving ik een oorkonde van de gemeente Spaarndam”, vertelt Bouwens met gepaste trots. “Ze hadden me gebombardeerd tot zwerfafvalpakker van het jaar. Bleek dat een gemeenteambtenaar me iedere ochtend de omgeving van mijn winkel schoon zag maken. Vind ik belangrijk, een opgeruimde entree en onkruidvrij parkeerterrein. En de klant vindt dat ook.”

Ondergeschoven kindje
Destijds werd de schoonmaak van de zaak door het personeel zelf gedaan, maar sinds een jaar besteedt Bouwens dit uit. “De schoonmaak schiet er vaak als eerste bij in. Als er weinig personeel is en we zien de rij voor de kassa groeien, zullen we altijd eerst de kassa bemannen”, licht hij zijn besluit toe. “Bovendien hebben medewerkers die zijn ingehuurd om vakken te vullen of kassa te draaien helemaal geen zin om de wc erbij te poetsen. Ze kunnen het vaak ook helemaal niet. Ik heb weleens meegemaakt dat een jonge medewerker een oud sopje pakte om iets schoon te maken. Weet je, schoonmaken is een vak.”
Dat kan Jeffrey Lagerweij alleen maar beamen. Als veertienjarige kwam hij bij Bouwens in de winkel werken, maar inmiddels heeft hij zijn eigen onderneming en levert hij personeel voor evenementen en tuin-, schoonmaak- en constructiewerk. “Door mijn verleden in de supermarktbranche wist ik heel goed dat schoonmaken vaak het ondergeschoven kindje is”, vertelt Lagerweij. “En toen door corona alle evenementen stil kwamen te liggen, besloot ik meer werk te maken van de schoonmaaktak van mijn bedrijf IC-Europe.” In dezelfde periode had Bouwens het juist extra druk in de winkel en had hij zijn mensen hard nodig op deze plekken waarvoor ze waren ingehuurd. “Ik durfde bijna geen gebruik meer te maken van het personeelstoilet”, geeft Bouwens toe. De keuze voor een externe schoonmaakploeg was snel gemaakt.

Potje jam
Tegenwoordig staan er dagelijks gedurende een dagdeel twee of drie schoonmakers in de winkel te poetsen en te schrobben. Ze dragen een uniform en zijn dus goed herkenbaar voor de klanten, zegt Bouwens: “Ik word er regelmatig over aangesproken. Men is er blij mee en dat is fijn, want een schone winkel is heel belangrijk voor de klant. Zeker in deze tijd van corona.”
De schoonmakers – meestal jonge, Europese vrouwen – krijgen bij binnenkomst een handterminal, waarop het werkschema van de dag staat. Hierop staat de app van Albert Heijn die dezelfde lijst ontsluit als de procesplaten waar de formule al langer mee werkt. Zo weten ze bijvoorbeeld of ze die dag de temperatuur van de vriezers moeten checken en welke schappen ze precies moeten poetsen. Lagerweij: “Albert Heijn is heel vooruitstrevend op dit gebied. Wij hoeven in feite alleen maar de procesplaten te volgen. Grappige bijkomstigheid: mijn personeel praat in Nederlandse termen over de schoonmaak.” En als er iemand een potje jam door de vingers glipt? Bouwens: “De meeste vakkenvullers ruimen het maar half op. De ingehuurde schoonmakers echter trekken het hele schap leeg om alles goed schoon te maken.”

Bikinilijn
Lagerweij: “De grootste uitdaging bij iedere supermarkt is het tegengaan van muizen. Veel winkels huizen in oude panden, met allerlei hoeken en gaten. Maar ook in nieuwere winkelpanden is het voorkomen van muizen een dagelijkse zorg. De beestjes komen af op kruimels, dus is de eerste stap altijd het regelmatig vegen van de brood- en beschuitafdeling. Daarnaast vraagt het melkschap veel aandacht. Er zit veel rotatie in, dat helpt niet, en als er iets lekt is het schap meteen vies en plakkerig. Het melkschap en het beschuitschap vertellen veel over hoe een supermarkt met zijn hygiëne omgaat.”
Nog zo’n belangrijke klus: het reinigen van de roosters van de koelingen, die veel stof weten te vergaren. Typisch zo’n klusje dat er bij inschiet, terwijl een professioneel schoonmaakteam er niet voor terugdeinst de koelingen af en toe van hun plaats te halen. “Zo ben je er ook op tijd bij wanneer er weer eens een stuk fruit onderdoor is gerold”, lacht Bouwens. “Zo krijgt het niet eens de kans te gaan rotten.” En dan heb je de buitenruimte nog. Voor de winkel van Bouwens ligt een grote parkeerplaats en ook daar ontfermt IC-Europe zich over. Bouwens: “We zeggen altijd gekscherend: ‘Daar zijn ze weer om de bikinilijn bij te houden’. De hoveniers van Lagerweij komen iedere tien dagen om het onkruid te wieden. Ook hier geldt weer: voorkomen is beter dan genezen. Met ons strakke schema zijn we problemen altijd voor. Het uitstellen van schoonmaakwerkzaamheden kan namelijk grote gevolgen hebben. Goed onderhoud voorkomt problemen en houdt kosten en reparatie binnen de perken. Beslist de moeite waard als je bedenkt dat mijn investeringskosten in de miljoenen lopen.”

Rust en liefde
De controle ligt in handen van Albert Heijn, dat twee keer per jaar Johnson Diversey laat uitzoeken of Bouwens aan de norm voldoet. “Wij halen altijd zeer hoge cijfers”, vertelt Bouwens, die herhaalt hoe blij hij is met de samenwerking met Lagerweij: “IC-Europe ontzorgt mij echt. Mijn medewerkers en ikzelf hebben geen omkijken meer naar de schoonmaak en kunnen ons op onze eigenlijke werkzaamheden richten. Mijn focus ligt weer daar waar-ie hoort: de handel.”
Lagerweij voegt daaraan toe: “Wij maken niet alleen schoon, maar brengen ook rust en liefde. Ik denk dan ook dat de manier waarop wij samenwerken aan het bijhouden van de supermarkt een voorbeeld is voor veel andere ondernemers. Misschien is het zelfs de toekomst.”
Dat dit alles niet goedkoop is, behoeft geen betoog. Bouwens: “We hebben een budget afgesproken en ik haal de kosten voor de schoonmaak uit de loonkosten.”

Bron: Levensmiddelenkrant